Een filmpje toont een snelheid van honderd zeventig kilometer per uur. Kort daarna volgt een ernstig ongeval op de A vier. De rechtbank vindt zeer onvoorzichtig rijden bewezen, maar niet de zwaarste schuldvorm: roekeloosheid. Het filmpje was kort voor het ongeval en vlakbij geüpload. De rechtbank beoordeelde dat samen met getuigen en de botsing. De opname is geen volledige registratie van het ongeval. Advocaat Visser bestreed de roekeloosheid en vroeg vrijspraak van het primair ten laste gelegde. De rechtbank volgde die volledige vrijspraak niet. Zij vond wel onvoldoende basis voor de zwaarste schuldvorm. Visser vroeg aandacht voor tijdsverloop en een voorwaardelijke rijontzegging. Een onvoorwaardelijke ontzegging zou volgens het verweer zijn werk raken. De rechtbank legde geen onvoorwaardelijke celstraf of rijontzegging op. De beslissing noemt tweehonderdveertig uur taakstraf, twee maanden cel voorwaardelijk en achttien maanden rijontzegging voorwaardelijk. Ook een voorwaardelijke straf blijft een straf. Het gepubliceerde vonnis bevat een verschil: de motivering noemt twee jaar rijontzegging, de beslissing achttien maanden. Wij volgen de beslissing en benoemen het verschil. Een herstelbeslissing is niet vastgesteld. Het slachtoffer raakte zeer ernstig gewond. De afwijzing van roekeloosheid maakt dat gevolg niet kleiner. Dit strafvonnis beslist niet over de volledige civiele schadeafwikkeling. Het aantoonbare verdedigingsresultaat zit in de schuldkwalificatie en het rijbewijs. Niet ieder verweer slaagde. Lees de volledige analyse op Strafrecht in Nederland.