Procedure & uitspraak

Auto van een ander in beslag: waarom waarschuwingen en bedrijfsnadeel ertoe deden

Meer deelopties
WhatsAppLinkedInE-mail

Dit artikel is nog niet juridisch beoordeeld. De informatie is algemeen en vervangt geen beoordeling van uw individuele situatie.

Je bent geen verdachte en de in beslag genomen auto staat op jouw naam. Toch kan een teruggaafverzoek worden afgewezen. Dat blijkt uit een op 26 oktober 2026 gepubliceerde beslissing van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, ECLI:NL:RBZWB:2026:7586. Een vrouw vroeg haar bestelauto terug nadat haar broer daarmee zonder rijbewijs had gereden. De rechtbank vond eerdere waarschuwingen en het ontbreken van een onderbouwd gebruiksbelang belangrijk. Het eigendom was daarmee niet zonder betekenis, maar beëindigde de beslagtoets niet.

De beslissing dateert van 11 augustus 2026. Zij gaat over een klaagschrift tegen beslag op grond van artikel 94 Wetboek van Strafvordering, niet over een definitieve verbeurdverklaring in de strafzaak. De kern van onze analyse is daarom een onderscheid: een derde kan een eigen aanspraak hebben en toch voorlopig geen teruggave krijgen. Wie zich alleen op het kenteken of de eigen onschuld beroept, mist mogelijk de vraag waarom het strafvorderlijk belang volgens de rechtbank nog voortduurt.

In dit artikel
  1. 1. Wat vroeg de eigenaresse en wat stelde het OM daartegenover?
  2. 2. Het gaat om een voorlopige beslagtoets, niet om de hele strafzaak
  3. 3. Waarom ook de positie van de derde moet worden onderzocht
  4. 4. Waarschuwingen, sleutels en de betekenis van een later aangeschafte kluis
  5. 5. Een bedrijfsbelang moet meer zijn dan de mededeling dat de auto nodig is
  6. 6. Wat de twee lezingen van de zaak ons leren
  7. 7. Bereid verschillende bewijsvragen afzonderlijk voor
  8. 8. De beslissing en haar grenzen

1. Wat vroeg de eigenaresse en wat stelde het OM daartegenover?

De auto was op 4 april 2026 onder de broer in beslag genomen. De klaagster diende op 8 april een klaagschrift in. Zij stelde eigenaar te zijn, zelf geen verdachte of bestuurder te zijn en geen afstand te hebben gedaan. Haar verzoek was opheffing van het beslag met teruggave. Dit zijn belangrijke aanspraken, maar het zijn eerst de door haar aangevoerde standpunten; niet ieder onderdeel wordt daardoor al een vaststaand oordeel van de rechtbank.

Volgens haar raadsvrouw had de broer de auto zonder haar medeweten meegenomen. Een eerdere waarschuwing stamde volgens dit betoog uit 2022. Zij zou daarna goed op de sleutels hebben gelet en erop hebben vertrouwd dat haar broer de auto niet meer zou meenemen. Ook was een kluis aangeschaft om herhaling te voorkomen. Verder wees zij op een pas gestart verhuis- en ontruimingsbedrijf, aanschafkosten en doorlopende verzekering.

Het OM zag een ander patroon. De broer zou herhaald zonder rijbewijs hebben gereden en ook na eerdere inbeslagnemingen geen rijbewijs hebben. Het OM wees erop dat klaagster en haar broer op hetzelfde adres woonden, dat zij van eerder gebruik wist en dat zij al eens met een waarschuwing een auto had teruggekregen. In raadkamer voegde de officier toe dat zij op 27 februari 2026 opnieuw was gewaarschuwd. De rechtbank heeft dus niet uitsluitend naar één oude waarschuwing uit 2022 gekeken.

2. Het gaat om een voorlopige beslagtoets, niet om de hele strafzaak

De rechtbank benadrukt dat het onderzoek in raadkamer summier is. De beklagrechter hoeft niet vooruit te lopen op de volledige uitkomst van een nog te voeren strafhoofdzaak. Bij artikel 94 Sv onderzoekt de rechter eerst of het belang van strafvordering voortduring van het beslag vordert. Een mogelijke latere verbeurdverklaring kan zo'n belang dragen als die niet hoogst onwaarschijnlijk is. Ook waarheidsvinding of onttrekking aan het verkeer kunnen binnen het beschreven kader een rol spelen; dat betekent niet dat al deze gronden hier afzonderlijk bewezen zijn.

Dit is een wezenlijke beperking van de uitkomst. Een ongegrond klaagschrift is geen eindbeslissing dat de auto definitief aan de Staat toekomt. Evenmin is daarmee vastgesteld dat de eigenaresse zelf strafbaar heeft gehandeld. Het oordeel laat het beslag voortduren. De zelfstandige vragen in de hoofdzaak worden daardoor niet vervangen door de kortere beoordeling in raadkamer.

Onze uitleg over beslag en een auto van iemand anders behandelt de bredere derdepositie. Deze beslissing voegt een specifiek voorbeeld toe: klassiek artikel 94-beslag, herhaald gebruik zonder rijbewijs, bekende waarschuwingen en de onderbouwing van de gestelde gevolgen. Verwar dit niet met een automatisch toepasselijke eigendomsmaatstaf uit een zaak over conservatoir beslag op grond van artikel 94a Sv.

3. Waarom ook de positie van de derde moet worden onderzocht

Omdat klaagster een ander was dan degene tegen wie het strafvorderlijk onderzoek liep, betrekt de rechtbank artikel 33a, tweede lid, aanhef en onder a, Wetboek van Strafrecht. De rechtbank omschrijft dit als de voorwaarden waaronder een voorwerp dat niet aan de veroordeelde toebehoort toch kan worden verbeurdverklaard. Daarbij noemt zij wetenschap of het redelijkerwijs kunnen vermoeden van, kort gezegd, een relatie tussen het voorwerp en een strafbaar feit.

Daarmee wordt het argument “ik ben geen verdachte” niet irrelevant. Het maakt juist zichtbaar dat een aparte wettelijke derdevoorwaarde moet worden onderzocht. Maar het argument is evenmin een complete teruggaafgrond zodra een ander de auto bestuurde. De rechter moet naar de relevante kennis en omstandigheden kijken. Alleen dezelfde achternaam of hetzelfde woonadres is geen vervanging voor die beoordeling; in deze beslissing bespreekt de rechtbank daarnaast eerder gebruik, waarschuwingen en sleutelbeheer.

Een eigendomsdiscussie en een discussie over wetenschap moeten daarom naast elkaar herkenbaar blijven. Het oordeel formuleert geen algemene regel dat familieleden nooit een auto mogen uitlenen, of dat een eigenaar altijd verantwoordelijk is voor iedere rit zonder toestemming. Het is een beslissing over deze beschikbare gegevens. Juist daarom moet een analyse zowel de eerdere waarschuwingen als het tegengestelde verhaal over ontbrekende toestemming behouden.

VraagWat de beslissing daarover laat zienWat daaruit niet automatisch volgt
Wie is verdachte?De broer, terwijl klaagster een eigen derdepositie aanvoertDat haar auto daarom altijd direct terug moet
Welke beslaggrond geldt?Artikel 94 Sv wordt afzonderlijk beoordeeldDat elke maatstaf voor conservatoir beslag hetzelfde werkt
Welke kennis bestond?Waarschuwingen en bekend eerder gebruik tellen meeDat iedere ongeoorloofde rit door een ander voorzienbaar was
Welke uitkomst ligt voor?Het klaagschrift is ongegrondDat definitieve verbeurdverklaring of eigen strafbaarheid al vaststaat

4. Waarschuwingen, sleutels en de betekenis van een later aangeschafte kluis

Volgens de rechtbank wist klaagster door de eerdere waarschuwingen dat haar broer de auto gebruikte, dat hij geen rijbewijs had en dat zij daardoor risico op beslag liep. De rechtbank betrekt bovendien dat zij volgens haar eigen raadsvrouw een tijd goed op de sleutel had gelet. Dat ondersteunt in de redenering dat zij het risico kende. De uitspraak redeneert dus vanuit een combinatie van eerdere gebeurtenissen en wat over het sleutelbeheer was aangevoerd.

Daar staat een serieus tegenargument tegenover: kennis van een risico is niet hetzelfde als toestemming voor de concrete rit. De verdediging stelde juist dat de broer de auto zonder haar medeweten had meegenomen en dat het een aantal jaren goed was gegaan. Die omstandigheden mogen bij uitleg van de beslissing niet verdwijnen. De rechtbank vond het geheel echter onvoldoende voor teruggaaf binnen de beslagtoets. Het artikel kan die afweging analyseren zonder achteraf zelf vast te stellen wat thuis precies met de sleutels gebeurde.

Ook de genoemde kluis verdient een tijdsonderscheid. Een maatregel voor toekomstig sleutelbeheer kan praktisch relevant zijn, maar verklaart niet zonder meer hoe het gebruik vóór de inbeslagneming was georganiseerd of welke kennis toen bestond. De beslissing biedt geen algemene garantie dat een kluis aanschaffen tot teruggave leidt. Zij rechtvaardigt evenmin de omgekeerde conclusie dat maatregelen voor de toekomst nooit iets kunnen uitmaken. De concrete onderbouwing en het moment blijven bepalend voor de beoordeling die wordt gevraagd.

5. Een bedrijfsbelang moet meer zijn dan de mededeling dat de auto nodig is

De rechtbank laat ruimte om ondanks een strafvorderlijk belang onder omstandigheden proportionaliteit en subsidiariteit te onderzoeken. Voor klaagster stond daar het gestelde nadeel tegenover. Zij had volgens het verweer een verhuis- en ontruimingsbedrijf gestart en de auto daarvoor nodig. Haar kosten en verzekering liepen door. Het zijn begrijpelijke praktische belangen, maar de rechter vond de bedrijfsstelling niet onderbouwd.

Verder stelde de rechtbank vast dat klaagster zelf geen rijbewijs had. Zij kon en mocht dus niet zelf met de auto rijden. De rechtbank vond niet duidelijk geworden voor welk gebruik zij desondanks al jarenlang een auto nodig had. Dat is geen algemene regel dat iemand zonder rijbewijs geen auto kan bezitten of een transportgerelateerd bedrijf kan hebben. De kritiek betreft de uitleg en bewijsvoering van het gebruiksbelang in deze procedure.

Dat onderscheid is belangrijk voor de praktische les. Wie een bedrijfsmatig nadeel aanvoert, zal moeten kunnen uitleggen hoe het voertuig rechtmatig in dat bedrijf wordt ingezet, door wie en met welke concrete gevolgen van het beslag. Een verkoopfactuur of verzekeringsbetaling bewijst iets anders dan gemiste werkzaamheden. Een bestaande opdracht of zakelijke planning kan weer een andere vraag verduidelijken. Deze uitspraak stelt geen universele verplichte documentenlijst vast en zegt niet dat zulke stukken een teruggaafverzoek alsnog zouden hebben doen slagen.

6. Wat de twee lezingen van de zaak ons leren

De krachtigste lezing voor klaagster is dat zij niet voor haar broer terechtstond, een eigen voertuig wilde terugkrijgen en maatregelen tegen ongeoorloofd gebruik beschreef. De krachtigste lezing voor het OM is dat eerdere waarschuwingen en herhaald gebruik lieten zien dat een bekende situatie voortduurde. Een inhoudelijk artikel moet die twee lezingen uit elkaar houden. Alleen de uitkomst melden zou de rechterlijke afweging minder controleerbaar maken.

De beslissing toont vooral dat een teruggaafverzoek meerdere lagen kan hebben. Eigendom, relevante kennis, de grond voor het beslag en de zwaarte van het nadeel zijn verbonden, maar niet onderling uitwisselbaar. Een sterk verhaal over aanschafkosten kan een onduidelijke gebruiksafspraak niet automatisch oplossen. Andersom bewijst herhaald rijden zonder rijbewijs door de broer niet zelfstandig dat ieder bedrijfsnadeel van de eigenaar buiten beschouwing mag blijven.

Hetzelfde geldt voor het ontbreken van een eigen rijbewijs. Dat gegeven kan vragen oproepen over het gestelde dagelijkse gebruik, maar mag niet worden uitgelegd als een moreel oordeel over de eigenaar. De rechtbank geeft hier een juridische motivering voor de afwijzing van dit beklag. Zij beslist geen algemene vraag over wie een bedrijf mag starten en spreekt de klaagster niet schuldig aan een verkeersfeit.

7. Bereid verschillende bewijsvragen afzonderlijk voor

De zinvolle voorbereiding is geen achteraf geconstrueerd verhaal dat zo gunstig mogelijk klinkt. Bewaar de oorspronkelijke stukken en leg een feitelijke tijdlijn aan. Markeer wat je zelf weet, wat een ander vertelde en wat onzeker is. De uitleg over rijden zonder geldig rijbewijs betreft de mogelijke strafzaak; het teruggaafverzoek van een derde blijft daarvan een eigen onderdeel.

Onderdeel van de mapWelke vraag het helpt verduidelijken
Kennisgeving en correspondentie over beslagWat in beslag is genomen en op welke grond
Aankoop- en eigendomsstukkenWelke eigen aanspraak wordt ingeroepen
Eerdere waarschuwingen en teruggaafbesluitenWat wanneer bekend werd en waarop is gereageerd
Bestaande afspraken en gegevens over sleutelsHoe het gebruik feitelijk was georganiseerd
Zakelijke stukken en rechtmatig gebruikWelk concreet nadeel van voortduring wordt gesteld
Processtukken en de beslissingWelke argumenten werkelijk zijn aangevoerd en beoordeeld
  • Houd de positie van de beslagene en die van de derde uit elkaar.
  • Controleer of artikel 94, artikel 94a of meer dan één grondslag speelt.
  • Bewaar eerdere waarschuwingen volledig, ook als zij ongunstig lijken.
  • Onderscheid toestemming voor de rit van kennis van een herhaald risico.
  • Onderbouw gebruiks- en bedrijfsnadeel met bestaande, controleerbare gegevens.
  • Laat het concrete procesverloop en eventuele rechtsmiddelen tijdig beoordelen.

8. De beslissing en haar grenzen

De rechtbank verklaarde het klaagschrift ongegrond. Deze publicatie bevat geen zelfstandig onderzocht vervolg van de strafhoofdzaak en stelt niet vast of later daadwerkelijk verbeurdverklaring is uitgesproken. Ook is geen actuele cassatie- of onherroepelijkheidsstatus vastgesteld. De beslissing vermeldt informatie over cassatie, maar dit artikel berekent geen termijn voor een individuele klager. Het moment van de beslissing en de relevante kennisgeving mogen niet zonder dossieronderzoek worden vereenzelvigd.

De uitkomst is daarom nuttig als concrete verdieping bij de algemene beslaguitleg, niet als invulmodel voor iedere derde-eigenaar. Zij laat zien hoe eerdere waarschuwingen en onvoldoende toegelicht nadeel in deze afweging doorwerken. De vraag blijft steeds welke beslaggrond, eigen aanspraak, kennis en praktische gevolgen in het werkelijke dossier kunnen worden onderbouwd. Een afgewezen klaagschrift is daarbij niet hetzelfde als een definitief verloren auto of een nieuwe strafrechtelijke veroordeling van de eigenaar.

Vragen van rechtszoekenden

Veelgestelde vragen

Waarom kreeg de eigenaar haar auto niet terug terwijl zij geen verdachte was?

De rechtbank beoordeelde of het strafvorderlijk belang het beslag nog rechtvaardigde en betrok de aparte voorwaarden voor een voorwerp van een derde. Eerdere waarschuwingen, bekend gebruik door haar broer en onvoldoende onderbouwd nadeel waren belangrijk. Geen verdachte zijn beëindigde die toets niet automatisch.

Heeft de rechtbank de auto met deze beslissing definitief verbeurdverklaard?

Nee. Dit is een beslissing op een klaagschrift tegen voortduring van beslag. De rechtbank beoordeelt summier of onder meer een latere verbeurdverklaring niet hoogst onwaarschijnlijk is. Dat is geen definitief oordeel over de strafhoofdzaak.

Betekent het ontbreken van een rijbewijs dat je geen eigenaar kunt zijn?

Nee, dat algemene oordeel staat niet in deze beslissing. De rechtbank gebruikte het ontbreken van een rijbewijs bij de beoordeling van de onvoldoende toegelichte noodzaak van het gebruik. Eigendom, bevoegdheid om te rijden en concreet nadeel zijn verschillende vragen.

Is een kluis voor de autosleutels genoeg voor teruggave?

De uitspraak geeft daarvoor geen garantie. Een toekomstige maatregel is iets anders dan bewijs van de feitelijke afspraken en kennis vóór de inbeslagneming. Bespreek de chronologie en de betekenis ervan voor de concrete beslagtoets.

Kan ik deze zaak gebruiken als standaardbrief voor mijn eigen klaagschrift?

De beslissing verduidelijkt vragen die onderzocht moeten worden, maar vervangt geen beoordeling van je eigen beslaggrond, aanspraak, stukken en procesverloop. Bewaar de oorspronkelijke gegevens en laat ook eventuele rechtsmiddelen tijdig bespreken. Dit artikel is geen individuele termijnberekening of voorspelling van de uitkomst.

Dit artikel geeft algemene informatie. De regels en mogelijkheden hangen af van je situatie. Bespreek je zaak en eventuele termijnen met een advocaat.

Terug naar de kennisbank

Lees verder over jouw volgende stap

Dagvaarding strafzaak ontvangen: wat nu?Hoger beroep in een strafzaakVan aanhouding tot uitspraakUitstel van een strafzitting vragen: zo pak je het aanPro deo rechtsbijstand en een advocaat vinden